Zonder fiets, ben ik niets

Na bijna een jaar Amsterdam is mijn stalen ros omgekomen in de bittere strijd. In de hoofdstad staat een ontelbaar aantal fietsen, waarvan de helft niet eens bruikbaar is. Sinds ik in Amsterdam woon maakt iedereen van die flauwe staat-je-fiets-er-nog-grapjes. Verbitterd antwoordde ik dan dat dat heus wel meevalt, tot een paar weken geleden.

Ik parkeerde mijn tweewieler netjes achter het Centraal Station bij de pont, zoals ik dat altijd doe. Nota bene naast de veel mooiere, betere, nieuwere fiets van mijn vriend. Bij terugkomst was hij weg, mijn oude vertrouwde fietsje weg. Er reed nu hoogstwaarschijnlijk een junkie op rond. Waar ik in Rotterdam mijn schouders had opgehaald, kon ik hier wel janken. Ik had weliswaar een studenten-ov, maar zeg nou zelf, zonder fiets in Amsterdam, ben je helemaal niets.

Dus als mijn vriend en ik gezellig naar de stad gingen, ging hij met de fiets en ik met de bus. En met uitgaan moest ik voortaan bij vrienden achterop en op de terugweg bij mijn dronken vriendje voorop de veel-te-hippe-transportersstadfiets. (Dit is het moment waarop een doe-dit-niet-thuis waarschuwing hoort te komen. Doe dit niet ook echt niet thuis, het is eng en verdomde pijnlijk als je over een hobbeltje rijdt.) Al snel kwam ik tot de conclusie dat dit niet langer zo kon en ik toch echt een nieuwe fiets moest gaan kopen.

”Dan koop je er toch een voor vijftien euro van zo’n junk.” Een zogenaamde ’eerlijk gevonden’ fiets. Nee, dat was niets voor mij. Het idee van heling greep mij bij de keel, iets met slechte karma en zo.Maar na een lange, bittere zoektocht kan ik nu met trots zeggen: ik heb een nieuwe fiets. Een hele nieuwe zelfs. Het was een mooie deal bij de Praxis en nu scheur ik door heel Amsterdam op mijn nieuwe stalen ros. Ik ben als een kind, zó blij.

 

IMG_2854
Niet mijn meest mooie foto, maar mijn fiets staat er goed op. Best een fotogenieke fiets moet ik zeggen.

Plaats een reactie