Dekbedhoezengevecht

Deze is voor alle vrijgezelle vrouwen van één meter vijfenzestig die zelfstandig hun tweepersoonsbed op moeten maken. 

Ja, het is lang geleden. En nee, het is niet zó lang geleden dat ik jullie iets moet vertellen. Ik ben nog steeds samen met mijn vriend. Vorige week ‘vierden’ we ons jubileum van zes en een half jaar. Nou ja, vieren. Ik rondrennend door het huis met glazen siroop of blikjes cola (z’n lievelings), bakjes popcorn en afstandsbedieningen, hij met zijn hand op een kussentje in spiksplinternieuw felblauw gips.

De avond daarvoor brachten we door in het ziekenhuis. Na een vervelend ongeluk, werd zijn hand gezet en gegipst. Terwijl hij rustig – overigens wel met veel pijn – behandeld werd, stond ik hysterisch en rillend met mijn bekertje water buiten een frisse neus te halen. Voordat ik, compleet de schaamte voorbij en als drama queen eerste klas, gevloerd naast hem lag. Maar goed, een gebroken hand dus. Dat betekent dat ik zeker de komende maand Nick zijn stoere mannentaken zal waarnemen, zoals zware tassen dragen, afwassen en dus het bed opmaken.

Druk rende ik – voor zo ver dat kan in een huis van nauwelijks dertig vierkante meter – van hot naar her. Als je namelijk de hele dag op de bank moet doorbrengen, doe je dit graag in een vers schoongemaakt huis. Dus, et voíla, Birgit aan de slag. Opruimen, wassen, afwassen, schoonmaken, stofzuigen en zelfs het dragen van zware tassen ging me redelijk af. Het huis was spik en span en onder het genot van een filmpje konden we eindelijk even samen bijkomen. Toch niet. Ik ben namelijk het soort vrouw dat óf de hele tijd vragen gaat stellen óf in slaap valt. En aangezien het ziekenhuisbezoekje van de avond daarvoor (ziekenhuizenfobie to the max here) me behoorlijk uitputte, besloot ik toch maar ‘even’ snel het bed op te maken, voordat ik dat straks als figurant uit The Walking Dead moest doen.

Het frisgewassen naar paradijselijke bloemetjes ruikende dekbed ligt voor me. Klaar voor de start af. “Het lukt me echt wel”, roep ik nog, terwijl ik met veel moeite het twee keer zo grote dekbed spreid. Vervolgens duik ik in het gat van de hoes en probeer de twee bovenste hoeken vast te pakken door mijn armen uit te steken. Ze zijn nu al verzuurd. Als een wild spook probeer ik het dekbed vast te pakken en uit de dekbedhoes te ontkomen zónder die hoeken los te laten, maar dat mislukt volkomen. Het dekbedhoezengevecht is nu echt begonnen.

Dan kijk ik weer naar mijn vriend en zie hoe hij me hulpeloos aankijkt met die grote, blauwe gipshand. Ik glimlach terug en verzeker hem dat het helemaal goedkomt, dus begin ik opnieuw. En het lijkt goed te gaan. Heel goed zelfs! De hoekjes zitten er netjes in en terwijl ik het dekbed uitschudt, zodat ook de rest op zijn plaats valt, draait opeens dat vervloekte dekbed weer dubbel en gaat ALLES mis. Een woedeaanval en een propje dekbedhoes in de hoek volgt. Ineens schiet er door mijn hoofd dat ik er misschien op een dag alleen voor zou staan. Afwassen (daar heb ik echt een GRUWELIJKE hekel aan) is op te lossen voor een vaatwasser, maar het opmaken van mijn bed? Hoe moet dat nou als ik ooit oud en alleen mijn dagen moet slijten? Zou daar misschien een app voor zijn?

Ik denk plots aan al die vrijgezelle vrouwen van één meter vijfenzestig die ondanks het ontbreken van een partner, tóch graag in een tweepersoonsbed slapen. Met zo’n lekker groot dekbed. Zouden zij gewoon wachten met het verschonen van het dekbed tot er een one-night-stand aandringt? Of überhaupt geen dekbedovertrek hebben? The struggle is real. Terwijl mijn gedachten afdwalen, ben ik nog steeds verwoed in gevecht met een dekbed en dekbedovertrek. Echt kansloos.

De tijd tikt voorbij, terwijl mijn woede opkropt. Jankbuien, Akons ‘Lonely’ en Celine Dions ‘All by Myself’, verschillende tutorials, oprol- en binnenstebuitentechnieken volgen en pas na twintig minuten vechten, win ik met veel gehijg, gescheld, getier en wrede verkrampingen het gevecht. Hij zit er in. Te moe voor ook nog maar een seconde van de film te kunnen bekijken, kruip ik onder mijn schone dekbed en val in slaap. Volgende missie? De (zware) boodschappen.

Plaats een reactie