Schiphol kriebels

Nog slaapdronken zwalk ik richting spoor vijftien. De intercity richting Brussel zal me naar Schiphol brengen. Ik knijp mijn ogen tot spleetjes als ik de fel verlichtte trein binnenstap. Het is kwart voor zes, ik wil naar bed.

Eerder dan verwacht kom ik aan op Schiphol. Vandaag gaan mijn ouders een week naar New York. Ik zwaai ze uit en pas vervolgens een weekje op de auto van mijn moeder. Zodra ik de hal van het vliegveld binnenstap word ik overspoeld met de magie van wanderlust. Een jongen van achttien vist onhandig zijn paspoort uit zijn veel te grote backpack, twee Chinese zakenmannen rennen onhandig met hun trolley’s richting vertrekhal twee.

Daar staan mijn ouders. De skyline van New York is al in hun ogen te zien. Het opzwepende vakantiegevoel van ‘we gaan nu echt’ is te voelen. Heerlijk. Bestaat er iets mooiers dan dat?

Ik wens ze veel plezier, geef ze een knuffel en stap dan in mijn moeders auto. Buiten zie ik de vliegtuigen opstijgen naar verre landen, exotische bestemmingen: op weg naar nieuw avontuur. Ik start de auto en rijd naar huis. Dag Schiphol, de volgende keer neem ik mijn backpack mee.

Plaats een reactie